Pagina's

zondag 16 januari 2011

Tuinieren op de klei

Wij tuinieren op de klei. Op een aantal plekken is de toplaag redelijk humeus, maar gemiddeld genomen zit je hier overal op het terrein na een steek in vette grijze klei. Klei heeft voordelen want het is vruchtbaar en vochthoudend,  maar klei kan ook behoorlijk weerbarstig zijn.
Wanneer je de bedden van je moestuin niet tijdig weet te transformeren in rulle grond, werk je de rest van de zomer in fijngemaakte brokjes beton.

Op klei is scherp zand een wondermiddel. Het maakt de grond los en zuurstofrijk waardoor voedingstoffen beter beschikbaar komen.

Ouderwetse kleituiniers spitten in het najaar voor de vorst invalt, en maken de losgevroren grond fijn zodra deze in het voorjaar opdroogt; als je dat op het goede moment doet, werkt het prima. Test is de klap met de bats (schep): als de kluiten door de klap verpulveren tot kruimige substantie is het tijd om de bedden klaar te maken. Wanneer je er te laat bij bent, lukt het niet meer en resten de betonbrokjes als hoogst haalbaar resultaat.

Je kunt kleigrond verbeteren (losser maken) door er humus aan toe te voegen; maar zelfs na rijkelijke toediening van compost en/of turf vallen de resultaten vaak tegen en blijft de grond kleiig. Daarmee kom je in een vicieuze cirkel, want dan moet je toch weer, voor de vorst invalt, spitten om de grond los te laten vriezen (etc.); dat spitten is niet alleen veel werk, het werkt ook de humusvorming tegen.

Scherp zand
Een structurele oplossing biedt scherp zand. Ik ben (alweer lang geleden) tot scherp zand bekeerd nadat ik een volle kruiwagen over een bed met pas geënte fruitboompjes werkte; de grond was daar - na regen en droogte - dichtgeslagen en omgevormd tot gescheurd beton. 
Dat zand werkte miraculeus: het verdween na een paar gieters water meteen al voor een flink deel in de droogtescheuren, en het resterende deel was aan het eind van de zomer goeddeels door de grond opgenomen. Toen ik de boompjes het volgende voorjaar uitgroef was de grond rul op die plek, en bleef dat tot in lengte van jaren. 

Scherp zand- ik had het natuurlijk kunnen weten, want wat is de meest begeerlijke aller tuingronden? . . . Dat is zavel! De componenten van zavel zijn zand en klei. Zand (grofkorrelig, scherp zand) maakt klei blijvend luchtig.

Wij voeren het zand gedoseerd aan. Zolang de grond kleiig blijft, vullen we de paden in het voorjaar met scherp zand. Zandpaden zijn sowieso prettig werken, en een deel van dat zand kan dan 's zomers - waar nodig - gebruikt worden op de bedden; uiteindelijk komt alles daar terecht wanneer we de paden het volgend voorjaar weer wat uitdiepen.

Spitten doen we al lang niet meer in onze moestuin(en). Tenminste niet als vast patroon. Wanneer we een nieuw stuk in gebruik nemen (of een verwaarloosd bed heroveren) wordt er gespit; voor het overige maken we de grond - zonder deze te keren - alleen maar los met een spitvork.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten