Posts tonen met het label zelfvoorziening. Alle posts tonen
Posts tonen met het label zelfvoorziening. Alle posts tonen

zondag 3 februari 2019

Kippen op het erf

Ons toompje New Hampshire's

Ik hou van dieren op het erf en die zijn er bij ons ook altijd geweest.
Kippen horen hier tot de eerstelijnsvoorzieningen; niet zozeer vanwege hun bijdrage aan ons voedingspatroon, maar gewoon vanwege hun aanwezigheid.
Mijn hart bloeit op wanneer ik kippen op het erf zie scharrelen en van een kraaiende haan word ik blij.

 
En een toompje gemengd: Araucana haan met twee hennetjes, daarbij een Jersey Giant en New Hampshire hen


We hebben nu twee toompjes die elk, op ruime afstand van elkaar, een eigen onderkomen hebben. Wanneer ze vrij op het erf lopen, ontlopen ze elkaar.








Idealiter
Het ideaal is vrij rondlopende kippen die zo in een flink deel van hun voedselbehoefte kunnen voorzien.
Dat werkt in principe heel behoorlijk: in het hok hangt een container met legkorrel waar ze naar behoefte van eten; daarvan wordt, als ze los op het erf kunnen struinen, maar weinig gebruik van gemaakt.
In de namiddag geven we wat graan om ze weer naar de ren te lokken.
Wanneer ze op stok zijn, gaat het hok dicht tot de volgende ochtend. dan kunnen ze weer vrij uitzwermen.
Idealiter leggen ze dan hun eieren in de daartoe bestemde gelegenheid; dat gaat vaak lang goed maar er komt altijd wel een moment dat ze elders een verborgen plekje kiezen.  



De groene eitjes zijn van de Araucana's

donderdag 24 september 2015

Tomaten


Een kasje voor tomaten (en paprika's) mag je eigenlijk niet missen in een moestuin, dan doe je jezelf echt tekort. Vanaf juli tot in oktober heb je dan volop lekkere verse tomaten en paprika's.

Met tomaten in een kasje of onder een afdak gaat het hier eigenlijk nooit mis, maar met buitentomaten is het een ander verhaal - ook rassen die geacht worden tegen een koel en vochtig klimaat te kunnen, vallen vaak ten prooi aan phytophthora. 

De zomers waarin buitentomaten hier probleemloos rijpen zijn schaars, maar dit jaar was het er een. Die buitenteelt is bij ons meestal onbedoeld: we zaaien altijd teveel (om wat keus te hebben) en vinden het dan zonde om het overschot aan voorgekweekte planten weg te gooien.

Dit jaar hadden we ze tegen de muur van het stalletje geplant en er verder niet te veel zorg aanbesteed. Daar deden ze het goed, wat met deze warme droge zomer niet zo verbazend is, maar zelfs nu - ver in september en na een hoop nattigheid - staan ze er nog steeds fleurig (schimmelloos) bij. En dat onder dakrand zonder goot.





Van de overschotten maken we pastasaus. Ook die is lekkerder dan gekochte.

We hebben het tomatenkasje gemaakt van restmaterialen: wat grote glasplaten met lariks balkjes en een kunststof lichtkoepel als dak. Eigenlijk is het een veredeld afdak: géén deur, maar een halfopen front en bovenin rondom een ruime ventilatie sleuf. Dat is prima voor tomaat - die moeten vooral droog staan, en zo hoef je geen zorg te besteden aan de beluchting. Er kunnen 12 tomatenplanten in.

 

Zelfs onder een druppelend dak zien de buitentomaten er dit jaar in de nazomer (foto half september) nog fris uit.

Voorjaarsfoto. Het voorste kasje kregen we van iemand die erop uitgekeken was; we hebben het wat verhoogd met een betonnen rand en gebruiken het voor de paprika's.

Wanneer het gaat over smaakverschillen met gekocht fruit, staan paprika's op de eerste plaats.

maandag 9 september 2013

Nieuwe Kippen

Het buitenleven is voor kippen niet altijd even harmonisch; onze vorige vielen ten prooi aan vossen en kuikens lopen hier dagelijks risico door een buizerd van het erf geplukt te worden. 

Nu hebben we (hopelijk) vosbestendige onderkomens gemaakt en hebben voor rassen gekozen die te groot zijn voor buizerds. 

Ullemans (de dwerg-Wyandotte aanloophaan) is een geval apart: hij heeft tot drie keer toe een behoorlijk pak veren moeten laten na een luchtaanval en is super alert. Als hij een buizerd (of dergelijk gevaar) meent te bespeuren rent hij als een hysterische sirene over het erf -  alles wat kip is zoekt dan dekking.


Ullemans heeft de jonge Brahma's onder zijn hoede genomen
 
De pofbroeken brigade


Jonge New Hampshire's

Jonge Sussex hen (rood porcelein)

Sussex


Drentse Heideschapen


We hebben een deel van het terreinonderhoud uit handen gegeven aan Drenten. Die moest ik hebben, werd me verteld door mannen die het zeker wisten: Drenten vreten alles en zijn met weinig tevreden; ze redden zich prima in verwilderd terrein en hebben nooit problemen met het lammeren. Liefhebbers van Drenten bevelen het vlees aan als delicatesse.

Vijf volwassen ooien hebben we; een koppel dat al een tijdje aan elkaar gewend is. En een jonge ram, die zich gelijk op z'n gemak voelde bij de dames. Het leuke van dit type schapen is de individuele herkenbaarheid.







maandag 4 juni 2012

Hout stoken

De houtmijten blijven hier minstens drie jaar intact omdat er vrij veel flinke ongekliefde stukken inzitten. Meestal is er te weinig dunner hout om er meteen een mooi afwaterend dak op te stapelen, en zijn de mijten het eerste jaar dakloos. Voor het dak reserveren we dan het dunnere hout dat de winter erop vrijkomt. Het hout van de mijt op de voorgrond is kort geleden naar binnen gebracht en er is vast een beginnetje gemaakt met een nieuwe vulling

Hout stoken is een manier van leven. Het is alleen rendabel als je zelf voldoende stookhout kan produceren en/of wanneer je aan voldoende goedkoop, liefst gratis, hout kunt komen. Daarbij is het véél werk (zagen, kloven, stapelen) en het vraagt veel opslagruimte. Vers stamhout moet minstens twee jaar drogen, en ruim voor de winter in een droge ruimte worden opgeslagen. Desalniettemin zijn we eraan verknocht.

Hout stoken geeft ons een gevoel van onafhankelijkheid en is - als je goed gedroogd hout stookt - ook nog eens milieu neutraal.

Zo'n dertig jaar verwarmden we onze leefruimte met een houtfornuis en een kachel; sinds zeven jaar hebben we in de stal een 40 kw. Atmos houtvergasser met een daarop aangesloten cv-systeem met een warmtebuffertank van 2700 ltr. en een boiler. Dat bevalt prima, het geeft minder werk en het stookt veel economischer. We gebruiken nu ongeveer evenveel hout als voorheen met de kachels maar verwarmen een groter deel van het huis; het warme water dat we gebruiken is een extra bonus.

Om een houtvergasser te laten renderen is een goed geïsoleerde buffertank noodzakelijk. Dan kun je de ketel maximaal stoken en wordt de hitte in het buffervat vastgehouden. 'Knijpen' (de ketel zachter laten branden) gaat ten koste van het rendement en is vervuilend.

Een houtvergasser geeft geen associatie met 'gezellig', maar meer een machinekamergevoel. Rechts zie je het expansievat dat, vanwege de buffertank, ook behoorlijk aan de maat moet zijn. De buffertank (nog net zichtbaar achter de kachel) is een vertikaal geplaatste ex-propaan-gastank die we met een kraan door het dak naar binnen hebben gebracht

's Winters brandt de ketel bij strenge kou zo'n 12 uur per etmaal; op mildere winterdagen volstaat een uur of zes; in de herfst of voorjaar kunnen we eens in de twee dagen stoken.
Wanneer we alleen de boiler gebruiken, en wat bijverwarming willen in de avond, kunnen we volstaan met twee stookbeurten per week.


Allemaal prachtig dus, maar we missen het gebruik van het fornuis; we missen het vuurtje stoken, het knapperen van brandend hout en het sissen van de waterketels.

Ons oude fornuis staat nog in de keuken - een monumentaal zachtgeel geëmailleerd Belgisch stuk gietwerk, maar helaas is het binnenwerk langzamerhand volledig uitgewoond. Eigenlijk zijn we op zoek naar een goed fornuis om dit gemis op te vangen. Uiteindelijk gaat er niets boven koken op een houtfornuis.


Dit hout is afgelopen winter geoogst; hier zijn nog wel een paar dagen (tussen de bedrijven door) kloven en stapelen nodig om er een karakteristieke mijt van te maken. Uiteindelijk wil het oog ook wat - we genieten ervan om langs onze geordende houtvoorraad te wandelen; dat geeft een voldaan gevoel

Het stookhout voor komende winter is mooi droog binnengehaald

Hier een partij blankhouten frames. Het is licht hout en alles moet op de zaagtafel kleingemaakt worden; maar het is onbehandeld en goed stapelbaar - reden genoeg om dankbaar te zijn voor deze afvalstroom


We hadden nog een restant azobé-resthout van een zagerij; voor (en van) de bruikbare stukken heb ik een houtrek gemaakt


Onze voorraad azobé plankjes koesteren we als brandstof reserve. Deze stouwen hebben een dakje en zijn luchtig gestapeld zodat ze niet zullen rotten. En natuurlijk is het handig om een plankje achter de hand te hebben voor timmerwerk op het erf. 

woensdag 16 mei 2012

De Aanloophaan & ander leven





De Aanloophaan (foto 16 mei 2012)

Een dag of vier terug liep er een onophoudelijk kraaiende haan op het bouwland achter ons. Waarschijnlijk een haan uit de buurt op zoek naar een soortgenoot om verhaal te halen dacht ik, want hanengekraai komt hier van verschillende hoeken aanwaaien.
De volgende dag liep hij op het achtererf en de ochtend erna zagen we hem (vanuit ons bed) toenadering zoeken met een paar bergeenden die niets van hem moesten hebben. Hij droop af en verdween later richting kweektuin, die sindsdien zijn voornaamste verblijfplaats lijkt te zijn. Van tijd tot tijd zien we hem wat uitwaaieren in de directe omgeving.

De buren missen geen haan - maar het kan ook zijn dat hij gedropt is door een spijtoptant; in een woonomgeving is lang niet iedereen gecharmeerd van hanengeluid.

Inmiddels heeft hij zijn overdadig uitgekraaide bravoure wat verloren, we horen hem nog maar af en toe. Kippen gedijen meestal niet geweldig in hun eentje.

Zelf was ik bezig om de oude hut in de Noordhof om te bouwen tot kippenhok. Dat moet een redelijk bomvrij onderkomen worden, want onze laatste kippen zijn (alweer drie jaar geleden) roemloos afgeslacht door een vos. Daarna is het er niet meer van gekomen, maar ons hart bloedt als we ergens gekraai horen. Deze zomer moet & zal het dus.

Hoe het met de Aanloophaan zal lopen weten we niet: misschien komt zich nog een eigenaar melden. Als hij er over een week (of wat) nog is mag hij blijven en zal ik een tweetal hennetjes voor hem moeten zoeken.   

En een apart onderkomen maken, want hij voldoet niet aan het bewonersprofiel dat wij voor het nieuwe hok voor ogen hebben.

In de Noordhof komt een toom grote rustige kippen die goed honkvast zijn en niet op de vleugels willen. Die krijgen een ruim en stevig nachtverblijf en kunnen van daaruit overdags vrijelijk uitzwermen. In onze naïviteit gaan we er maar vanuit dat ze de moestuin zullen mijden en zich tevreden kunnen stellen met de aangrenzende boomgaardjes.

En uiteindelijk willen we weer met enige regelmaat een gezonde kip van eigen erf kunnen eten.



Aanloophaan: Is dit een flinke Wyandotte Kriel of een jonge Grote? Ik zie ook geen sporen, zelfs geen begin ervan. Is hij nog zo jong? Of zijn er ook spoorloze volwassen hanen? Mij is dat in ieder geval nooit opgevallen



Vanuit de slaapkamer: bergeenden; de Aanloophaan is inmiddels doorgelopen naar de volgende foto (14 mei 2012)

Vanaf zolder: zoekplaatje met specht en Aanloophaan (14 mei 2012)
details

Slaapplaats, foto 17 mei 2012, 20.42 uur

zondag 12 februari 2012

Winterkost: Friese droogbonen

Friese droogbonen: Friese woudboon, Friese gele stokboon, zoete grauwe erwt, rode krobbe, gritney's plus enkele niet-Friese bruine boontjes

Afgelopen jaar hebben we voor het eerst een structurele hoeveelheid droogbonen gezet. 3 bedden van 4,50 bij 1,20 mtr leverden een oogst waarmee we ruimschoots een jaar toekunnen. Dit ondanks het toegenomen verbruik. En natuurlijk is het leuker (en vaak beduidend lekkerder) om wat te experimenteren met verschillende soorten.
De teelt van droogbonen vraagt weinig werk- maar met het drogen en opschonen ben je wel even bezig.

> Friese droogbonen

> droogbonen 2 oktober

Dezelfde bonen geweekt

Winteroogst: elzen afzetten

De afgezette elzen langs de slootkant (foto 12 februari 2012)

Deze windsingel langs de boomgaard in de Katuin* was zo hoog geworden dat de fruitbomen erachter te weinig licht kregen. We konden nu van de vorst profiteren en de elzen op het ijs laten vallen; dat werkt wel zo prettig. Ook de overgebleven bomen worden nog afgezet, zodat er weer een dichte singel terugkomt.
Hakhoutsingels kun je het beste in hun geheel terugzetten: voor een goede hergroei moet er voldoende licht op de stobben vallen.
Deze afgezette elzen leverden zo'n zestig ruim opgetaste kruiwagens hout: dat is genoeg om de hout-cv** twee koude maanden te voeden; de dunnere takken gaan in de achtergelegen takkenhaag.

*    De naam Katuin voor dit perceel dateert nog uit de tijd van de Cammingha State
**  40 kw. Atmos houtvergasser met warmtebuffertank (2700 ltr water)
De houtoogst van deze winter (tot dusver): elzenhout herken je aan de donker gekleurde snijvlakken (foto 12 februari 2012)

Deze foto is een paar dagen later (16 februari) gemaakt: nu zijn de snijvlakken van het elzenhout mooi op kleur gekomen. Dit hel oranje wordt gaandeweg nog wat donkerder en daarna bruinig.

vrijdag 28 oktober 2011

Oktober

Kweepeer: als je het dons eraf wrijft, zijn ze prachtig en ze ruiken erg lekker. Daarom halen we elk jaar schalen vol kweeperen in huis: voor de reuk. De smaak van kweepeer moet je wel liggen, want die is zéér typerend.
Kweektuin, 30 oktober 2011
In deze tijd van het jaar is het heilig vuur bij het moestuinieren wat gedoofd; we laten het nu even op z'n beloop. Manja oogst nog dagelijks, maar de keus wordt minder. Wanneer er vorst dreigt, moeten de rode bietjes worden gerooid om in scherp zand bewaard te worden op een vorstvrije plek, net als de laatste peentjes. De echte winterkost, boerenkool, spruiten en winterprei, staat op de nieuwe moestuin op het voorterrein.

Moestuin achtererf, 30 oktober 2011

Moestuin voor, 30 oktober 2011


Planken stapelen
Jarenlang kochten we van tijd tot tijd azobé zaagafval van een grote houthandel. Toen deze met de zagerij ophield, kon ik nog twee vrachtwagenladingen azobé planken kopen tegen een stookhoutprijs. 
Die planken waren gezaagd uit afvalstukken in een poging er een verkoopbaar product van te maken, maar dat bleek geen succes; daarom dus alsnog op weg naar de kachel. De helft is hier in de loop van de tijd verstookt; de rest lag in bundels op een verstopt plekje maar dat bleek niet de geschikte manier van bewaren.
Vorige zomer waren we al begonnen met het maken van luchtige stapels; nu was er nog 15 ton te gaan. We hebben alle plankjes schoongeborsteld en met de aanhanger naar hun nieuwe plek gebracht en er mooie luchtige stouwen van gestapeld met een dakje tegen het inregenen. 
Dat zijn zo van die buitenwoonprojecten die je niet in de planning meeneemt, maar van het resultaat kunnen we onbevangen genieten.




xx

vrijdag 14 oktober 2011

Verlangen naar de winter


Het voorjaar is veelbelovend, daarover geen misverstand; maar dan overvalt je de zomer.

De zomer is (qua groei) overweldigend, maar  eigenlijk te veel van het goede en ook vermoeiend. Ik ben de zomer na de zomer zat; de zomer hoeft voor mij niet door te duren.

Nu, in de herfst doen we nog wat gedaan moet worden. Noten rapen, appels en peren oogsten; huis en hiem winterklaar maken.

's Winters na de bladval is het erf meer stationair. Gedaan werk blijft gedaan werk; dat is wel zo bevredigend.

Het winterwerk zet de toon voor het komende seizoen. De winter is er voor het onderhoud van de structuren: windsingels dunnen, geriefhout oogsten, hagen stoppen en vlechten, snoeien.

Elk jaar laten we steken vallen, want realiteit blijkt vaak weerbarstiger dan plannen, maar voor komende winter zijn we vastbesloten zo snel mogelijk te beginnen en ons niet weer door sneeuw of ander ongerief te laten weerhouden.

Het snoeien van de knotlinden tussen achtererf en Naantjehof kwam er vorige winter niet van; maar eens in de vier jaar is zo'n beetje de limiet- dus deze winter moet het. En er moeten wat bomen gerooid worden in de zuidtuin; die is te donker geworden, door inmiddels meer dan huizenhoge -eens zelf geplante- essen. Bij de Katuin moeten de elzen aan de weg worden afgezet om zo dichter terug te komen en in de overige windsingels moet nodig gedund worden. Voor snoeiwerk rond de gracht is dan een periode met stevig ijs wel zo makkelijk.

Takkenhagen
Het dikkere hout slaan we op in mijten voor de kachel, het dunnere gebruiken we om de hagen te stoppen. Dat snoeihout blijft in een gevlochten haag (of luchtig ingestoken in een frame) hooguit een jaar of vier redelijk vormvast. Zo al met al is er hier zo'n halve kilometer aan takkenhagen zodat er altijd een bestemming in de buurt is voor het snoeiafval.
De meeste hagen zijn doorgroeid met klimop, hop of bosrank en vormen zo de ecologische ruggengraat van het terrein

Winterse takkenhaag, doorgroeid met klimop, bosrank en clematis