vrijdag 20 mei 2011

Lekkers van dichtbij

Wat van ver komt is lekker.. we vinden zaken van ver graag interessant; die neiging is er bij mij ook ingebakken. 

Een nashi is toch net wat meer sexy dan een peer en ik koester m'n zwarte Russische vleestomaten.

Als we hier regionale rassen hebben is dat min of meer toevallig; zo hebben we een paar rijtjes Frieslanders en Eersteling (aardappels) en de (friese) gele woudboontjes moeten deze week de grond in.

Twee dagen terug belde Johannes Spyksma uit Sumar; die is onvermoeibaar bezig met het inventariseren en promoten van Friese nutsplantenrassen (en landbouwhuisdieren). 
Eigenlijk voelde ik me een beetje betrapt, want in theorie ben ik een verklaard medestander wanneer het gaat om het behoud van lokale rassen, maar in de praktijk zoek ik het zelf toch vaak van ver. 

Gisteren was hij (Johannes Spyksma) hier en ik heb (mezelf) beterschap beloofd. Dat was niet moeilijk want ik werd lekker gemaakt met allerlei interessante gewassen, en achtergelaten met aantrekkelijk zaaigoed:



Rode krobbe; zoete grauwe erwten; Gradus' reuzen (een slanke 'woudboon' selectie); Gritney's (een recente Friese kidneyboonselectie); de zwartzadige Janumer pronkboon en Gele stokbonen. 

Morgen is het weer wat warmer, dan gaan ze de grond in.

Meer info over deze rassen:
Rode krobbe (Reade krobbe), droogboon: '..stevig in de kook en met een prima, enigszins pikante smaak.'


Friese gele stokboon


Zoete grauwe erwt



zondag 15 mei 2011

Moeraswolfsmelk

Euphorbia palustris  ... prachtige vroegbloeiende plant voor lichte standplaats op vochtige tot natte bodem. Deze mag u niet missen! ... schreef Rob Leopold in zijn, door Manja stukgelezen, Dikke Zadenlijst. Manja heeft ze uit zaad opgekweekt; inmiddels zo'n twintig jaar geleden.

Ik weet niet meer of we er meteen zo van onder de indruk waren, maar gaandeweg heeft de moeraswolfsmelk hier een prominente plaats ingenomen.
Aanvankelijk stonden er alleen een paar bij een kleine poel, die 's zomers op peil werd gehouden met water uit de put. Maar dat doen we al jaren niet meer; 's winters staat de poel vol water- en 's zomers is hij droog.

Droogte lijkt de moeraswolfsmelk hier in de kleigrond niet te deren. Ook zaailingen die we op hogere grond plantten, groeien best; zelfs in tijden zoals nu, wanneer de bovengrond gortdroog is en het grondwater laag staat. In de waterput is het peil nu al twee meter lager dan in de winter.


foto 15 mei 2011


foto 15 mei 2011


foto 9 mei 2009


foto 9 mei 2009

donderdag 5 mei 2011

Aardappels & nachtvorst

Vorstbescherming: bloempotten over de aardappels. Foto 4 mei 2011
Opeens is de weersverwachting dreigend en stellig: er komt nachtvorst.
Een zorgelijk bericht, want alles was met het mooie weer van afgelopen maand wel erg hard gegaan. Nog nooit hadden de aardappels hier zo vroeg al zoveel loof. Bij gebrek aan folie bedachten we dat onze voorraad bloempotten misschien de oplossing kon brengen.
Dus trokken we om negen uur 's avonds de tuin in om de aardappels af te dekken met potten. Gelukkig was (en bleef) het windstil zodat alles op z'n plek bleef. 
Vanochtend om zeven uur was het erf wit berijpt; toen de rijp verdwenen was hebben we de potten eraf gehaald. Op het eerste gezicht stond het loof er nog pronter bij.

Een dag later bleek dat er toch wat vorstschade was, waarschijnlijk op plekken waar het loof tegen de draineergaten van de pot had gezeten. Vooral de grootste potten hebben een rijkelijk opengewerkte bodem. Maar de schade was minimaal; de aangetaste blaadjes heb ik weggeplukt en alles is weer volop in de groei. Bloempotten (we bewaren ze altijd) functioneren dus prima, maar ze moeten ook weer snel van het gewas; in de volle zon houden planten onder een zwarte pot niet lang stand.




Het lijkt erop dat ze de vrieskou goed hebben doorstaan. Foto 5 mei 2011
 
Moestuin, 5 mei 2011






vrijdag 29 april 2011

Moestuinieren & eetbaar landschap

Na het water geven contrasteert het groen mooi met de donkere grond. Alles raakt nu lekker aan de groei; de aardappels staan na twee weken al vrijwel allemaal boven; de tuinbonen -rechts tussen de stokken- zijn al volop in de bloei (foto 28 april 2011)

De meeste peren zijn alweer op het eind van de bloei, hier en daar zijn al vruchtbeginsels te zien. Achter de moestuin komt de Groninger Kroon (appel) nu in bloei (28 april 2011)

De tomatenplanten staan af te harden onder een parasol (27 april 2011)

Kweektuin -het hekje was indertijd voor de schapen- de rabarberstruiken zijn inmiddels alweer ruim een meter hoog (28 april 2011)

Ook bloemen komen altijd vers uit eigen tuin (27 april 2011)

Doorkijkje vanaf de appelhof (27 april 2011)

Perenbomen langs de inrit; uiterst links een Nashi (21 april 2011)

Nashi (Japanse peer) bloeit vroeg en laat zich ook door gewone peren bestuiven. De pas uitgelopen bladeren hebben een typerende bladkleur; na korte tijd is het blad gewoon weer groen (19 april 2011)

vrijdag 15 april 2011

Bergeenden

Vanachter het slaapkamerraam (foto 15 april 2011)

Wanneer we ze hier voor het eerst zagen weet ik niet meer, maar gaandeweg is ons terrein door bergeenden uitverkoren als baltsplaats; inmiddels een jaar of vijftien. De baltsende groep bleef aanvankelijk groeien, een paar jaar geleden zelfs tot twintig+, maar dat aantal liep de laatste twee jaar weer terug, vorig jaar waren er veertien.


Dit jaar waren ze laat en we maakten ons al ongerust. Meestal zien we de eerste begin april, nu was dat tien dagen later. 

Vanmorgen zagen we ze weer ouderwets vanuit ons bed: nu negen stuks en druk met hun baltsrituelen. Zover het op afstand te zien is (mannetjes zijn alleen te herkennen aan de knobbel aan de snavelbasis en aan het baltsgedrag) zijn het drie mannetjes en zes vrouwtjes. Dat lijkt problematisch want bergeenden broeden in paartjes die bij elkaar blijven, maar misschien lost het mannentekort zich nog op.

Gedurende de baltstijd waaieren ze - op zoek naar een goede broedplek - steeds verder over het terrein uit. Later kom je er soms bij toeval achter waar een nest is (ik zoek er ook niet naar, want ze zijn schuw) maar er blijven er na de balts altijd een aantal op het terrein. Die scharrelen dan als eenling wat rond, naar ik aanneem in de buurt van hun broedende partner. Vorig jaar bleven er vier (stelletjes) broeden. 

Foto's maken van bergeenden lukt (zonder telelens) alleen vanuit het huis, want als je teveel in de buurt komt zijn ze meteen vertrokken. Later, in de broedperiode, zijn ze wat minder schichtig.


Vanaf de zolder (foto 15 april 2011)

dinsdag 12 april 2011

Moestuin in april

Kweektuin: alles raakt weer aan de groei. Op voorgrond pootuitjes, daarachter spitskool en een reepje spinazie. In het kasje is kropsla uitgezet (foto 11 april 2011)

April is een echte moestuinmaand; de grond begint nu lekker op te warmen en alles komt weer goed aan de groei. Nu (12 april) zijn hier de meeste bedden ingeplant of -gezaaid en zitten de aardappels erin.

Aardappels
Wij telen alleen vroege aardappels, dan heb je eigenlijk nooit problemen met Phytophthora. We kopen onze poters altijd zo vroeg mogelijk; dan is er keus en nog tijd om ze, op een lichte maar koele plek, voor te laten kiemen. Dit jaar hebben we Frieslanders, Eersteling, Gloria en Donald.

Aardappels zijn vers het lekkerst; verse aardappels (die zijn gerooid terwijl het loof nog groen is) hebben alleen een dun velletje en kunnen ongeschild worden gegeten. We beginnen altijd vroeg met oogsten en halen dan dagelijks vers uit de tuin; dat is in het begin natuurlijk onvoordelig, maar wel erg lekker en dus pure luxe.
Pas wanneer het groen minder begint te worden of sporen van Phytophthora toont, knakken we het loof (ziek blad haal je weg) om de schil te laten ontwikkelen. Als je een goed seizoen hebt (zonnig en geen langdurige nattigheid) blijft het blad lang vitaal en heb je de grootste opbrengst.

Pootaardappels kun je het beste kopen bij een zaadhandel die ze los verkoopt; dan kun je uittellen wat je nodig hebt, en wat variëren met verschillende rassen. Wij gaan, bij vroege aardappels, uit van 3 poters per meter in de rij.

(Dit jaar hebben we 3 bedden (120 cm breed) van 5,5 mtr en één van 8 mtr lengte; dat is dus 24,5 mtr bed met daarop 2 rijen aardappels = totaal 49 mtr aardappelrug waarvoor 3 pootaardappels per mtr nodig zijn.)

Het nadeel van voorverpakte poters is, dat je altijd of te weinig hebt of te veel, en dat de keus vaak minimaal is. Daarbij zijn zakjes/netjes pootaardappels doorgaans onredelijk duur en liggen ze in tuincentra vaak te warm waardoor ze uitlopen met slappe witte kiemen; goede kiemen zijn donker en gedrongen.

Nog even en ook deze tuin is weer groen  (foto 11 april 2011)

  Uit de stolpen hebben we al een paar keer pluksla gegeten (foto 10 april 2011)

Ook de rabarber heeft haast om de grond uit te komen (foto 11 april 2011)

Onze pootaardappels- de kiemen zijn mooi compact en donker (foto 9 april 2011)

Nieuwe moestuin: om de kleigrond los te maken hebben we er scherp zand doorgewerkt. Hier zie je een halve kuub liggen; totaal is hier ruim een kubieke meter de grond ingewerkt (foto 24 maart 2011)

Het zand wordt eerst met de spitvork ingewerkt; daarna worden alle overgebleven kluiten met een scherpe bats fijngemaakt (foto 9 april 2011)



Het resultaat, mooie rulle aardappelruggen met resp. Donald, Gloria en Eersteling (foto 11 april 2011)

zondag 10 april 2011

Speenkruid

Dit is de tijd van het speenkruid. Speenkruid is een cadeautje, want je hoeft er niets voor te doen en na de bloei zijn de plantjes weer snel verdwenen. Op veel plekken wordt het dan opgevolgd door het fluitenkruid.

Foto 9 april 2011

Foto 7 april 2011

Foto 9 april 2011

De bostuin heeft nu één groot speenkruidtapijt
Speenkruid lijkt hier overal wel te gedijen maar heeft een voorkeur voor zonnige glooiende walkanten