Posts tonen met het label tuinieren. Alle posts tonen
Posts tonen met het label tuinieren. Alle posts tonen

zondag 20 november 2011

Mollen


Mollenvangen lijkt een taboe voor de ecologische tuinier. 'Mollen zijn nuttig, ze beluchten de bodem met hun gangen en eten schadelijke insecten' is de boodschap. Allemaal waar natuurlijk, maar mollen eten vooral regenwormen en over het heil van de regenworm is iedereen het eens.
Over regenwormen valt in alle objectiviteit niets onaardigs te melden.

Mollen daarentegen kunnen behalve nuttig ook buitengewoon hinderlijk zijn; dat ontgaat zelfs de hardcore  protectionist niet. Tips om van mollen af te komen zonder deze te vangen zijn er dan ook legio; de meeste zijn weinig praktisch of werken niet.

Hier laat ik mollen in principe hun gang gaan, maar als het ergens echt hinderlijk wordt vang ik ze daar weg. Dat is een tijdelijke oplossing want uiteindelijk komt er altijd wel een nieuwe bewoner voor het gangenstelsel.

Het enige dat structureel (dus voor langere termijn) helpt, is het onbruikbaar maken van de gangen.

Inspoelen met scherp zand bleek hier een duurzame oplossing; dat deed ik in een boomgaard waar de bodem een gatenkaasachtig oppervlak had gekregen. Er verdween een onvoorziene hoeveelheid zand in de diepte; achteraf logisch, want tenslotte waren al die molshopen die ik er in de de loop van de tijd had weggeharkt, er ook uit gekomen.

Het hielp: die met zand gevulde gangen zijn nooit meer in gebruik genomen.

En ook voor de grond is het prima: (scherp!) zand is op klei een eersteklas bodemverbeteraar en de met zand gevulde mollengangen zorgen voor een blijvende beluchting.


In deze tijd van het jaar zijn de mollen volop actief om hun onderkomen en jachtgebied winterklaar te maken (foto's 17 november 2011)





donderdag 14 juli 2011

Zomers erf

De massa bieslook in het kruidentuintje is uitgebloeid en aan het oog onttrokken door verschillende soorten Salvia's; rechts van het pad een groep Telekia's (foto 10 juli 2011)

's Zomers domineren vaste planten grote delen van het terrein. Alles lijkt hier extra groot te worden op de klei. De meeste plantengroepen, zoals op het voorterrein, vragen nauwelijks onderhoud en zijn deels spontaan gevormd.

Toch moet je op je qui-vive blijven, want vaak sluipen er ongemerkt ongewenstheden binnen die je er maar moeilijk uitwerkt. Haagwinde is daar een treffend voorbeeld van; als je de plant onbevangen bekijkt ben je er enthousiast over, maar dat enthousiasme verdwijnt naarmate de soort zich meer op haar gemak voelt. Haagwinde groeit met haar ranken alles zo tot een onontwarbare massa ineen, dat er geen doorkomen meer aan is; zelfs een maaimachine met vingerbalk loopt er in vast.

En bij de geschiktheid van Telekia (T. speciosa / groot koeienoog) voor verwildering in een plantengemeenschap kan ook een kanttekening: Telekia zal na verloop van tijd steeds grotere zones koloniseren en daar groeit dan ook echt niets anders. Weg krijg je deze soort alleen, als je ze met omvangrijke wortelkluit en-al de grond uitwerkt en daarna nog een tijdenlang het resterende wortelopschot afsteekt.

De prettigste soorten - zoals Lavatera en Griekse Alant handhaven zich goed, maar zijn niet overdreven invasief; dat is ook het geval met veel inheemse vaste planten zoals heemst en ooievaarsbek.


Voorterrein (10 juli 2011)


In de kweektuin gaan nuttige zaken nu schuil achter een bloeiend gordijn (12 juli 2011)
 
Tomaten kweken zonder dakje gaat meestal fout. Deze staan er nu - ondanks vrij veel nattigheid de afgelopen tijd - nog pronter bij, maar wanneer het blad te lang achtereen nat blijft, is Phytophthora (een schimmelaantasting) bijna onvermijdelijk  (12 juli 2011)
 
Buiten (wel onder een dakje) blijven de paprika's gedrongen, zowel plant als vrucht. Een rendabele teelt kun je het niet noemen, maar de smaak van langzaam gegroeide vollegronds-paprika is onvervangbaar (12 juli 2011)

Detail paprika's


zondag 12 juni 2011

Buitenwonen is een dwingende manier van leven

Ons erf is groot genoeg om onze omgeving te zijn en zo leven we binnen een horizon die we zelf vorm hebben gegeven. Dat leek ons vroeger een opperste vorm van luxe, en dat is het voor ons nog steeds.

Maar alle luxe heeft zijn prijs: als je een terrein van drie hectare naar je hand wilt zetten, ben je al snel slaaf van eigen ideeën. Buitenwonen is een dwingende manier van leven; daar heb je maar gehoor aan te geven, anders is de lol er snel vanaf.

We hebben ons geschikt naar de eisen die het terrein ons stelt; we kunnen ook niet anders- want we zijn verslaafd aan de ruimte, aan de moestuinen, aan het fruit, aan de ruziënde gaaien, aan de schorre roep van de fazanthanen en zijn vertederd als we constateren dat de spechten een gatenkaas van de oude wilg voor-de-deur hebben gemaakt.

Cammingha Hof, 12 juni 2011
Cammingha Hof, 12 juni 2011



Cammingha Hof, 12 juni 2011

Cammingha Hof, 12 juni 2011

zaterdag 4 juni 2011

Moestuinieren: begin juni


4 juni 2011

Rijpe onbespoten vollegronds aardbeien: dat is andere koek dan dat op steenwol gekweekte, halfrijp geplukte, winkelfruit. Alleen aardbeien maken een moestuin al meer dan de moeite waard.

Na de vroege aardbeien uit Manja's plantenbedden in de kweektuin, nu de grotere hoeveelheden: vandaag de eerste serieuze pluk in de moestuin op het achtererf- een kleine vijf kilo (en dat is nog maar het begin). Ook deze lijken dit jaar extra geurig; het hele huis ruikt ernaar. Decadent genieten dus.

Nu ook volop tuinbonen, peultjes en verse erwten. Bij de Frieslanders (aardappels) heb ik even voorzichtig gekeken: de knollen zijn al mooi aan de maat; in de nieuwe moestuin staan de andere rassen er ook prachtig bij. Vandaag hebben we de laatste oude aardappels gegeten, vanaf morgen oogsten we dagelijks verse. Verse aardappels oogst je wanneer het loof nog groen is; dan hebben ze nog geen ontwikkelde schil. Verse aardappels zijn onovertroffen lekker en vrijwel nergens te koop; alweer een dwingende reden voor een eigen moestuin.

Vorig jaar was het voorjaar ook droog (maar niet zo langdurig als nu) en hebben we op de goede afloop vertrouwd. De aardappeloogst viel toen tegen. Nu hebben we ze steeds tijdig water gegeven en met voldoende vocht in de grond heeft droogte alleen maar voordelen: vooralsnog geen spoor van Phytophthora. Ook voor de tomaten zijn de omstandigheden nu ideaal.

Verse erwtjes en jonge tuinbonen; foto 5 juni 2011
 
Voor de inmaak; foto 4 juni 2011
Moestuin achtererf; links bloeiende salie (5 juni 2011)

De nieuwe moestuin is ook ingevuld geraakt. De boontjes (achter de courgettes) zijn in één week tijd de grond uitgevlogen; op de achtergrond de aardappels (5 juni 2011)

zaterdag 28 mei 2011

Moestuinieren: mei

Mei is een echte moestuinmaand. Alles ontwikkelt zich dan snel, en er kan alweer volop uit de tuin gegeten worden; na half mei hebben we de tomaten, paprika's en pepers uitgezet, en vorig weekeind zijn de laatste boontjes erin gegaan.


Na al een tijdje volop sla (in alle varianten), rucola, spinazie, tuinkers, radijs, rabarber, bieslook, knoflook en stengelui te eten, zijn we nu bij onze seizoenfavorieten aangeland: aardbeien, peultjes (alweer volop geoogst) en over een paar dagen de eerste jonge tuinbonen.

De luxe van een moestuin is overvloed. Dat geldt bij ons vooral voor delicate zaken die je anders nooit zo overvloedig zou kopen, of die domweg niet te koop zijn. Lekkere mals sappige en aromatisch geurende aardbeien in hoeveelheden waar niet tegen aan te eten valt; peultjes, jonge tuinboontjes en wat later verse zoete erwten. We eten veel groenten erg jong; dat is het lekkerst en we voorkomen zo nutteloze overschotten.



Kweektuin - 28 mei 2011

Hier een rij tuinbonen met op de voorgrond 5 voorgekweekte (die waren over); de rest is bij het uitplanten gezaaid. Het verschil in ontwikkeling is goed te zien; de voorgekweekte hebben al bonen die bijna oogstbaar zijn. Voor de statistiek: de voorgekweekte bonen zijn 4 februari binnen in potjes gezaaid en 13 maart uitgezet (foto 28 mei 2011)


Echte forse knoflook kweken lukt ons zelden, maar toch is de opbrengst zeker de moeite waard. Deze 5 bolletjes stammen uit één teentje dat ruim een jaar geleden geplant is. Ze zijn sterker van smaak dan gekochte en vers geoogst is de stengel ook erg lekker (foto 28 mei 2011)

De eerste aardbeien eten we al jaren van een verwilderde populatie in de kweektuin. Deze aardbeien hebben dit jaar geen water gekregen (in tegenstelling tot de aardbeienbedden in de moestuin) maar desondanks toch vruchten van een flink formaat. Misschien is het verbeelding, maar het lijkt wel of ze dit jaar door de schrale omstandigheden extra geurig zijn. De Dikke Jongen helpt Manja met zoeken- hij krijgt de aangevreten exemplaren (foto 28 mei 2011)
Deze aardbeien op het achtererf zijn vorig jaar augustus gezet. Hoewel we hier regelmatig water geven zijn de planten toch minder weelderig dan we gewend zijn; wel veel goed ontwikkelde vruchten (foto 30 mei 2011)
De moestuinen geven we bij droogte water uit de put- hier staan vast wat gieters op te warmen (foto 28 mei 2011)



De nieuwe moestuin op het voorterrein: een paar aardappelrassen zitten al tegen de bloei; op de voorgrond drie bedden met verschillende soorten droogbonen (foto 27 mei 2011)




zondag 15 mei 2011

Moeraswolfsmelk

Euphorbia palustris  ... prachtige vroegbloeiende plant voor lichte standplaats op vochtige tot natte bodem. Deze mag u niet missen! ... schreef Rob Leopold in zijn, door Manja stukgelezen, Dikke Zadenlijst. Manja heeft ze uit zaad opgekweekt; inmiddels zo'n twintig jaar geleden.

Ik weet niet meer of we er meteen zo van onder de indruk waren, maar gaandeweg heeft de moeraswolfsmelk hier een prominente plaats ingenomen.
Aanvankelijk stonden er alleen een paar bij een kleine poel, die 's zomers op peil werd gehouden met water uit de put. Maar dat doen we al jaren niet meer; 's winters staat de poel vol water- en 's zomers is hij droog.

Droogte lijkt de moeraswolfsmelk hier in de kleigrond niet te deren. Ook zaailingen die we op hogere grond plantten, groeien best; zelfs in tijden zoals nu, wanneer de bovengrond gortdroog is en het grondwater laag staat. In de waterput is het peil nu al twee meter lager dan in de winter.


foto 15 mei 2011


foto 15 mei 2011


foto 9 mei 2009


foto 9 mei 2009

vrijdag 29 april 2011

Moestuinieren & eetbaar landschap

Na het water geven contrasteert het groen mooi met de donkere grond. Alles raakt nu lekker aan de groei; de aardappels staan na twee weken al vrijwel allemaal boven; de tuinbonen -rechts tussen de stokken- zijn al volop in de bloei (foto 28 april 2011)

De meeste peren zijn alweer op het eind van de bloei, hier en daar zijn al vruchtbeginsels te zien. Achter de moestuin komt de Groninger Kroon (appel) nu in bloei (28 april 2011)

De tomatenplanten staan af te harden onder een parasol (27 april 2011)

Kweektuin -het hekje was indertijd voor de schapen- de rabarberstruiken zijn inmiddels alweer ruim een meter hoog (28 april 2011)

Ook bloemen komen altijd vers uit eigen tuin (27 april 2011)

Doorkijkje vanaf de appelhof (27 april 2011)

Perenbomen langs de inrit; uiterst links een Nashi (21 april 2011)

Nashi (Japanse peer) bloeit vroeg en laat zich ook door gewone peren bestuiven. De pas uitgelopen bladeren hebben een typerende bladkleur; na korte tijd is het blad gewoon weer groen (19 april 2011)

zondag 10 april 2011

Speenkruid

Dit is de tijd van het speenkruid. Speenkruid is een cadeautje, want je hoeft er niets voor te doen en na de bloei zijn de plantjes weer snel verdwenen. Op veel plekken wordt het dan opgevolgd door het fluitenkruid.

Foto 9 april 2011

Foto 7 april 2011

Foto 9 april 2011

De bostuin heeft nu één groot speenkruidtapijt
Speenkruid lijkt hier overal wel te gedijen maar heeft een voorkeur voor zonnige glooiende walkanten

maandag 28 maart 2011

Lente!

De eerste narcissen, hier in een bodem vol speenkruid (foto 27-3-2011)
Opeens zijn dan de sneeuwklokjes uitgebloeid en zie je de eerste narcissen; over een paar weken zijn die er in alle mogelijke vormen en kleuren.

De bloemen van de gele kornoelje (Cornus mas) zijn ijl, maar de donkere Hedera in de es op de achtergrond laat ze mooi contrasteren (foto 27-3-2011)

Ribes (foto 27-3-2011)

Chionodoxia (foto 27-3-2011)

Nog even en we eten weer verse pluksla (foto 27-3-2011)

maandag 21 maart 2011

Moestuinieren & nieuwe moestuin


Vorige winter hadden we dit stuk al bedekt met worteldoek. Dat is een makkelijke manier van ontginnen; na een jaar is alle groen verdwenen en omdat worteldoek wel vocht en lucht doorlaat blijft de structuur van de grond intact (foto 17 maart 2011)
We kwamen voor een aantal gewassen steeds ruimte tekort, want onze behoeften lopen eigenlijk nooit parallel met het vruchtwisselingsschema. Daarom komt er nu op het voorterrein een extra moestuin van zo'n 80 m². Hier willen we vooral vroege aardappels, droogbonen, wintergroenten en uien telen.



Rondom worden balken ingegraven als begrenzing voor het gras. Deze zijn van Azobé zaagafval dat ik kocht als brandhout. Het verschil tussen deze foto en die hierboven is drie man/vrouwdagen werk (foto 21 maart 2011)



Op het achtererf en in de kweektuin is alweer volop geplant en gezaaid; de voorgekweekte peultjes en tuinbonen zijn uitgezet, evenals de plantuien. Er staat weer sla onder de stolpen en in de kweekbakken is spinazie gezaaid en spitskool uitgeplant.




De peultjes staan er pronter bij.




De aardbeien zijn de winter goed doorgekomen (zijn j.l. augustus gezet); foto 16 maart 2011




In de kweektuin (oude moestuin) zijn de plantenbedden opgeschoond. Hier hebben we afdakjes voor tomaten en pepers en ook wat reserve moestuinbedden.




Kweektuin, 16 maart 2011